dinsdag 26 juli 2011

Neo-liberalisme als Utopie

Onderstaand artikel is ook verschenen in het tijdschrift Driegonaal jaargang 32, nummer 3/4 September 2012



De Utopie van de vrije markt, door Hans Achterhuis
Een boekbespreking.

Filosoof Achterhuis heeft in 2010 een opmerkelijk boek geschreven dat in 2011 al zijn 4e druk beleefde. Inmiddels zijn er al 10.000 exemplaren van verkocht en dat is heel goed nieuws,want hoe meer mensen kennis nemen van de inhoud van dit 300 bladzijden dikke boek hoe eerder we stappen kunnen zetten om het marktkapitalisme grondig te herzien.
Sinds april van dit jaar is Achterhuis benoemd als “Denker des Vaderlands” voor een periode van 2 jaar als winnaar van de Socrates Wisselbeker.

Achterhuis is vooral bekend door zijn boek uit 1980: "De markt van welzijn en geluk". Daarin geeft hij een kritisch en gedegen beeld van de welzijnsmarkt en is daarmee ook te beschouwen als een nauwe geestverwant van filosoof Ivan Illich.


foto: www://ifilosofie.nl

Achterhuis is gepromoveerd op een proefschrift over Albert Camus. Hij was als docent sociale filosofie verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. In 1988 werd hij bijzonder hoogleraar milieufilosofie te Wageningen en van 1990 tot zijn emeritaat(pensioen) in 2007 hoogleraar wijsbegeerte aan de Universiteit van Twente. Het werk van Achterhuis kenmerkt zich door de verbinding van filosofie met actuele maatschappelijke vraagstukken. Zo schreef hij verder over ontwikkelingshulp, gezondheidszorg, schaarste, geweld, technologie, milieu-problematiek en utopieën. Dit nieuwste boek gaat over de economie en in het bijzonder het marktkapitalisme. De auteur heeft de bijzondere gave om voor een groot publiek complexe onderwerpen zowel breed alsook diepgaand te beschrijven en analyseren om dan met een scherpzinnig oordeel te komen indachtig de principes van Spinoza. Een goede filosoof, zo stelde hij bestudeert menselijke en maatschappelijke verschijnselen zonder vooringenomenheid. Meteen bekent Achterhuis dat hij dit zelf als het ging om economische vraagstukken eigenlijk pas veel te laat heeft gedaan, zoals zo velen van ons. Datzelfde erkent ook Marcel van Dam in zijn laatste boek “Niemandsland”(2009). Waarom zijn de verschijnselen van een terugtredende overheid, de toegenomen marktwerking en deregulering in veel sectoren gedurende de laatste decennia bijna onopgemerkt voorbij gegaan en heeft het neoliberalisme ook onze samenleving in zijn greep gekregen?

Oud-minister en PvdA-leider Wouter Bos moest in zijn Den Uyl-lezing “De derde weg voorbij” ook concluderen dat het neoliberalisme ontwrichtend heeft gewerkt. Van de Nederlandse politici heeft alleen oud SP-leider Jan Marijnissen al veel eerder gewaarschuwd voor deze ontwikkelingen in zijn boek "Tegenstemmen" (1996).
Achterhuis verwijst en citeert daarbij ook NRC redacteur Marc Chavannes met zijn bundel “Niemand regeert: de privatisering van de Nederlandse politiek” (2009). Achterhuis refereert ook veelvuldig aan het boek van Naomi Klein “De shock doctrine”(2007) waarin vele internationale voorbeelden worden gegeven hoe de Chicago-school van Milton Friedman en Nobelprijswinnaar landen in tijden van economische crises dwingt om een neoliberale politiek te volgen met verstrekkende maatschappelijke gevolgen voor sectoren als overheid, onderwijs en gezondheidszorg.
Dat is de kernvraag in dit boek plus de ontmaskering van het neoliberalisme en het vrije marktdenken als utopie!

De grootste ontdekking van Achterhuis in zijn zoektocht naar de ideologen die het neoliberalisme een theoretisch fundament hebben gegeven is de persoon van de van oorsprong Russische Alissa Rosenbaum die in de VS als schrijfster en ideologe Ayn Rand een enorme bekendheid heeft genoten en de belangrijkste inspirator is geweest voor de machtige Alan Greenspan. Greenspan was tot 2006 president van de Fed en hij heeft jarenlang het financiële beleid van deregulering voor het gehele financiële systeem consequent uitgevoerd. Mede als gevolg daarvan is de grote hypotheekcrisis van 2007 ontstaan, die later omsloeg naar een financiële crisis en uiteindelijk een economische en wereldwijde landencrisis veroorzaakte waar we nog jaren mee te maken zullen hebben.

foto: https://www.youtube.com


Deze Ayn Rand (1905 -1982) is in Europa nauwelijks bekend maar in de VS is ze een ster en bekende schrijfster. Ze heeft 4 romans geschreven die grote bestsellers werden. Volgens een onderzoek van het weekblad Time is haar laatste roman “Atlas Shrugged” (uit 1957) het meest verkochte boek in de VS ná de bijbel. In dat boek wordt een ideaalwereld geschetst, die zij Atlantis noemt en waar het neoliberalisme tot in de meest extreme vorm is doorgevoerd. De grootste held in het boek is de leider en superondernemer John Galt.
Rand of Rosenbaum heeft als jong meisje met haar familie moeten vluchten uit St.Petersburg tijdens de Oktoberrevolutie in 1917. Berooid zwierven ze door het land en konden pas na jaren weer terugkeren naar St. Petersburg. Daar wist ze wel de Universiteit te halen waar ze korte tijd geschiedenis en filosofie studeerde.
Het collectivisme van de Sovjetsamenleving werd door haar als extreem onderdrukkend ervaren. In 1926 slaagde ze erin om een uitreisvisum te verkrijgen waarmee ze naar de VS kon gaan en waar ze snel haar weg vond.
Haar gedachtegoed dat ze in de VS ontwikkeld heeft noemde ze het Objectivisme. Feitelijk is het een extreme vorm van het neoliberalisme waar de vrijheid van het individu vooral economisch alle ruimte moet krijgen en niet gehinderd mag worden door een overheid. Het communisme noemt Achterhuis een collectivistische utopie en het Objectivisme van Rand een individualistische utopie. Vanuit haar vroegere ervaringen in Rusland is het begrijpelijk dat zij een uitgesproken tegenstander was van een staatseconomie en het arbeiderszelfbestuur als grootste gevaar voor de economie zag. Alleen succesvolle ondernemers kunnen, volgens haar, de juiste beslissingen nemen om de economie verder te helpen. Zij is de vleesgeworden ideologe van de Amerikaanse Droom zoals verwoordt in :”Private interest leads to public benefit”!

Laten we allereerst even stilstaan bij een paar begrippen die essentieel zijn voor een goed begrip van het boek van Achterhuis. Dat is allereerst het begrip utopie en ook het veelvuldig gebruikte begrip dystopie dat zelfs in de van Dale niet te vinden is. Achterhuis geeft geen eigen definitie en verwijst naar zijn eerdere boek “De erfenis van de utopie”(1998).
Een veel voortkomende uitleg van utopie is: droombeeld, hersenschim of illusie. Een andere verklaring is ook wel “een volmaakte toestand die niet te bereiken is”. Dus een niet realiseerbaar ideaalbeeld.
Bij dystopie moeten we precies aan het tegenovergestelde denken, dus een anti-utopie. Dat is een utopie maar als een toekomstbeeld met fatale ontwikkeling. In zijn eerdere boek heeft Achterhuis het marxistisch communisme ook als een utopie beschreven.
Het bijzondere van dit boek is dat het heel uitgebreid een beschrijving geeft van de klassieke liberalen (John Locke, Adam Smith en Jeremy Bentham) en daarna ook van de neoliberalen
(Ayn Rand, Friedrich von Hayek en Milton Friedman). Dit onderscheid is van belang al zei VVD- coryfee Frits Bolkenstein ooit dat hij geen idee had wat het neoliberalisme onderscheidt van het liberalisme. Dat zei hij omdat het neoliberalisme vooral een negatief beeld oproept.
Het onderscheid bestaat wel degelijk in de literatuur en de genoemde ideologen.
De klassieke liberalen en vooral Adam Smith realiseerde zich dat je een overheid nodig hebt om streng toezicht te houden op het financiële verkeer en voor nationale defensie, rechtspraak en het voorzien in en onderhouden van publieke diensten en instituties. Denk hierbij aan infrastructurele werken en algemeen toegankelijk onderwijs en gezondheidszorg.
Friedman en Greenspan die graag verwijzen naar Adam Smith vergeten echter deze zaken.
Zij vinden dat de “zichtbare hand van de overheid” juist moet verdwijnen. De vrije markt biedt de belangrijkste garantie voor de goede werking van “de onzichtbare hand”!
John Maynard Keynes was nog meer dan Adam Smith voorstander van een sterke overheid en niet alleen voor de genoemde kerntaken maar ook om in te grijpen in de economie als dat nodig was. Dit Keynesianisme was de belangrijkste politieke denkrichting wereldwijd vanaf de jaren na WOII tot in de 70-jaren van de vorige eeuw waarna het geleidelijk verdrongen is door het neoliberalisme.`Als je de feitelijke economische resultaten van die twee perioden objectief vergelijkt dan is duidelijk dat het Keynesianisme veel beter scoort. In de periode 1951 tot 1980 bedroeg de mondiale economische groei gemiddeld 4,8 %, terwijl onder het neoliberalisme de gemiddelde groei van 1989 tot 2009 maar 3,2% bedroeg. Dat is nog maar één indicator. Verder zou je moeten kijken naar werkgelegenheid en inkomensverdeling om het beeld nog completer te maken. Vanaf de wereldwijde bankencrisis zien we trouwens een herleving van het Keynesianisme doordat overheden actief banken (moeten) steunen.
De auteur slaagt erin om het neoliberalisme te ontmaskeren en te laten zien dat een groot deel van de mensheid een utopie najaagt met dramatische maatschappelijke gevolgen.
Het rampenkapitalisme gaat echter nog steeds door zo laat Achterhuis zien met een voorbeeld over ontwikkelingshulp en zelfs het “moderne waterbeheer”, waar prins Willem-Alexander zijn naam aan verbonden heeft.
Het boek schiet echter tekort omdat het ons geen weg toont welke economische richting dan wel gewenst is. Een element van de vroegere economieën was wel de gemeenschappelijke gronden, de zogenaamde meent of in Engeland de commons. Door de opkomst van het kapitalisme en later het neoliberalisme werden deze privileges weggevaagd en ontstond het particulier bezit en geaccumuleerd bedrijfsbezit, waardoor boeren hun zelfstandig bestaan verloren en gedwongen werden als loonarbeiders in fabrieken te gaan werken.



De vrouwelijke Nobelprijswinnares voor de economie 2009 was Elinor Ostrom. Zij heeft veel studies gedaan naar het gemeenschappelijk beheer van visgronden, watervoorraden, landbouwgronden of natuurgebieden. Dat prima functioneert als er goed gecommuniceerd en er goede afspraken worden gemaakt voor een duurzaam beheer. We hebben dus een economisch model nodig waar solidariteit of wederkerigheid een belangrijk rol vervult in plaats van de op eigenbelang ingestelde markt- en consumentenideologie. Een van de eerste stappen zal toch een rechtvaardigere inkomensverdeling moeten zijn. Zoals Tinbergen al in 1970 bepleitte moet het verschil tussen de hoogste en laagste inkomens in een bedrijf maximaal een factor 5 zijn. Voor een heel land zou dat een factor 7 moeten zijn. Net zoals we een minimuminkomen hebben ingevoerd zal er ook een maximuminkomen moeten komen om dat te bewerkstelligen.
In een recente studie van Wilkinson en Pickett, verschenen als boek “The spirit level”, wordt empirisch en gedegen wetenschappelijk aangetoond hoe belangrijk de inkomensverdeling is voor een samenleving. Een kleinere inkomensongelijkheid heeft meteen aantoonbare effecten op onderwijsprestaties, gezondheidszorg, criminaliteit etc.
De exorbitante zelfverrijking van bankiers, directeuren en ondernemers zal dan definitief voorbij zijn. In plaats van hun eigenbelang gaat dan misschien het algemeen belang een rol spelen in hun denken en handelen zoals dat ook bij maatschappelijk verantwoord ondernemen gepropageerd wordt.

donderdag 23 juni 2011

Hoe redden we Griekenland?

Europese Schuldencrisis.

Op uitnodiging van onze afdelingsvoorzitter ben ik woensdagavond 22 juni meegegaan naar het fameuze Café Dudok in Den Haag waar de landelijke SP een thema-avond had georganiseerd over de schuldencrisis van Griekenland en de noodzakelijke Europese aanpak.

Rond 20.00 uur opende partijvoorzitter Emile Roemer de discussieavond in een volgepakt zaaltje. De belangstelling was onverwachts heel groot en veel mensen moesten teleurgesteld worden omdat er geen plaatsen meer waren. In het publiek waren ook veel SP-parlementariërs en partijraadsleden te herkennen.
Samen met Ewout Irrgang was hij het afgelopen weekend zelf twee dagen in Griekenland geweest om ter plaatse te spreken met verschillende personen en groeperingen. In het tv programma Knevel en van den Brink op dinsdagavond gaf hij een eerste lezing van zijn indrukken en bevindingen. Zo vertelde hij dat de aangekondigde BTW verhoging van 11 naar 23% hard is aangekomen bij de gewone burger. Daarnaast bleek ook dat er zo’n 23.000 MKB bedrijven failliet waren gegaan, hetgeen aangeeft hoe ernstig de economische situatie is.
Daarna nam financiën woordvoerder Ewout Irrgang het woord die ook als discussieleider zou optreden. Allereerst vertelde hij het standpunt van de SP met betrekking tot Griekenland. De SP is niet voor verdere uitbreiding van leningen aan Griekenland omdat de schuld, nu 150% van het BNP en oplopend tot 170%, onhoudbaar is geworden en dus gesaneerd moet worden. Daarmee wordt bedoeld dat een deel van de schuld gewoon kwijtgescholden moet worden, zoals dat ook gebeurt bij een burger die in een schuldhulpverleningstraject belandt. Natuurlijk is Griekenland niet het enige land met zo’n hoge schuld want bijvoorbeeld Japan heeft een nog hoger schuldpercentage, maar die hoeven veel minder rente te betalen en de economie groeit daar gemiddeld veel meer. Dus de combinatie van hoge schuld, hoge rente en lage economische groei maken het voor Griekenland feitelijk onmogelijk in 20 jaar en zelfs met hele strenge bezuinigingen om er weer bovenop te komen. Het is niet meer dan rechtvaardig om Griekenland te helpen, want alleen maar meer leningen maken het land alleen maar zwakker. Toch willen de meeste politieke partijen en Europese landen hier nog niet van horen. Veel Duitse, Franse banken en vooral ook de Europese Centrale Bank hebben voor grote bedragen Griekse staats-obligaties op de balans staan. Een Griekse schuldsanering zou voor hen desastreus kunnen zijn en dat is weer niet goed voor het Europese imago en de Euro. Het gaat dus vooral om het Europese prestige en de Europese belangen die op het spel staan.

Heleen Mees (econoom, jurist en PvdA-lid) kreeg daarna het woord voor een korte inleiding met de titel Europees renteraadsel. Zij liet een grafiek zien waarin de rentetarieven op staatsobligaties voor landen als Griekenland, Spanje, Portugal, Ierland en Duitsland te zien waren van de afgelopen 30 jaar. Opvallend daarbij was dat die rentetarieven op staatsobligaties voor Griekenland, Portugal en Ierland vóór toetreding tot de Euro al heel hoog waren, soms wel tot 15 en 17%. Na toetreding tot de Euro zakken die tot het Europese gemiddelde van zo’n 5%, maar sinds het uitbreken van de financiële crisis in 2008 lopen die nu weer sterk op tot bijna even hoge percentages als daarvoor.
Haar conclusie was dus duidelijk. Deze landen hadden nooit zomaar toegelaten mogen worden tot de Euro. Dit was informatief maar niet zeer belangwekkend want inmiddels is ook gebleken dat Griekenland met de cijfers heeft gerommeld, daarbij geholpen door de Amerikaanse bank Goldman Sachs. De toenmalige minister Zalm heeft wel een tijdlang bezwaren gehad tegen toetreding van Griekenland maar is uiteindelijk ook over stag gegaan.
Daarna nam Ewout Irrgang het weer over en introduceerde twee prominente hoogleraren economie, te weten Herald Benink van de Universiteit van Tilburg en Alfred Kleinknecht van de Technische Universiteit Delft . Een derde genodigde professor Sweder van Wijnbergen liet helaas verstek gaan. Kennelijk waren de organisatoren hier niet van op de hoogte want ze keken vaker onrustig waar deze persoon toch bleef. De inhoudelijke bijdrage van Kleinknecht was beperkt, omdat het ook niet echt zijn vakgebied is. Met zijn uitgesproken accent, die zijn Duitse herkomst verraadt, had hij wel een paar pakkende slogans. Benink was daarentegen heel goed op de hoogte en kon het ook voor een groter publiek heel duidelijk uitleggen. Als hoogleraar Banking & Finance mag je dat ook verwachten.

Toch werd het geen fel debat tussen voor- en tegenstanders want over de meeste kwesties was men het wel eens. Enkele belangrijke vragen kwamen naar voren zoals uitspraken van minister de Jager en ook DNB president Wellink dat Europa geen keuze heeft en Griekenland wel moet helpen. Als dat land failliet gaat en daarna ook mogelijk de ECB, Franse en Duitse banken dan zou een vergelijkbare Europese crisis ontstaan als na de val van de Amerikaanse bank Lehman Brothers. Benink relativeerde dat met duidelijke argumenten en gelooft niet in zo’n desastreus rampenscenario. Veel Griekse beleggers en banken gaan er al van uit dat Griekenland haar schulden niet kan afbetalen, dus zal het niet als een echte verrassing komen.
Daarna kwam de kwestie aan de orde of een mogelijk faillissement van Griekenland ook de andere zwakke Europese landen zoals Portugal, Ierland en Spanje zal meeslepen in een vrije val. Ook daar waren de deskundigen niet echt bevreesd voor. Bij Griekenland gaat het echt om staatsschulden door structurele tekorten bij begrotingen en in de economie. Bij de andere landen zijn de schulden veroorzaakt door de huizenbubbel en zijn dus anders van aard.

Vervolgens kreeg SP- Europarlementariër Dennis de Jong het woord voor zijn bijdrage. Ondanks zijn wat sjofel, Engels ruiten colbertje had hij een sterk inhoudelijk verhaal. Hij had zelf ervaren hoe machtig de bankenlobby in Brussel is. Er is zelfs een permanent overleg tussen de bankenlobby en het Europese parlement . Hij is terecht bang dat het parlement en de Europese commissie te zeer meegaan met deze financiële en bancaire belangen waarbij de belangen van de burger en de democratie onder grote druk staan. De nieuwe Amerikaanse film “Inside Job” die momenteel in een aantal bioscopen draait geeft ook een goed inkijkje in de innige verwevenheid tussen de FED, Goldman Sachs en het Ministerie van Financiën in het Witte Huis.
Als sprekende voorbeeld gaf de Jong het feit dat maatregelen om de bankenbonussen te beperken via Europese wetgeving op een laag pitje staan. Hetzelfde geldt met de invoering van een bankenbelasting zoals de Tobin-tax, waarover ook alleen “gesproken” wordt.
Heel blij was de Jong met de komst van een nieuwe Europese organisatie genaamd “Finance Watch”, die tegenwicht moet gaan bieden aan de bankenlobby en het parlement van onafhankelijke informatie kan voorzien.

Hierna werd de paneldiscussie weer voortgezet met een prangende vraag of de Eurozone wel zo groot moet blijven met 27 landen of beter opgedeeld kan worden in meerdere groepen. De deskundigen waren voor een opdeling in twee of drie zones met de noordelijke landen in een Seuro (sterke Euro) en de zuidelijke landen in een Zeuro en eventueel een derde groep met Oost-Europese landen.
Vanuit het publiek kwam ook de vraag of de rijke Grieken en bedrijven niet in staat zijn om de Griekse staatsschuld flink te helpen verlichten. Griekenland heeft inderdaad een aantal hele sterke en rijke sectoren zoals de rederijen die tot de grootste ter wereld behoren, maar gek genoeg door een wet vrijgesteld zijn van belastingen!?
Ook veel hogere beroepen hebben hele gunstige belastingafspraken kunnen maken waardoor de fiscus miljarden misloopt. Dat kun je echter achteraf niet meer terugvorderen. Nieuwe wetgeving en een strenger belastingregime moeten uitkomst bieden maar dat kan nog jaren duren. De inkomensongelijkheid zou flink moeten worden aangepakt maar ook dat kost veel tijd.

Emile Roemer sloot de avond af en bedankte de organisatoren en de aanwezigen.
Hoe interessant en belangrijk dit onderwerp ook was; na twee uur zitten op een keiharde, rechte houten stoel was iedereen denk ik heel blij met de borrel en een hapje na afloop.
Update 2016
Uiteindelijk is Griekenland ondanks een nieuwe radicaal linkse regering, met als grootste winnaar de partij Syriza, onder leiding van premier Tsípras toch akkoord gegaan met een nieuwe lening van zo'n 86 miljard Euro die in delen over een aantal jaren worden uitbetaald en waar strenge voorwaarden voor gelden. Het totaal bedraagt daardoor meer dan 200 miljard aan leningen en zo wordt Griekenland bedolven onder financiële eisen, die ze nooit kunnen nakomen.
De geschiedenis leert dat dit niet de eerste keer is. In totaal is Griekenland al 5 keer eerder failliet gegaan. In 1897 heeft Griekenland vanwege hoge schulden ook al moeten aankloppen bij de Europese grootmachten en heeft bijna 40 jaar een internationale commissie moeten dulden die vergaande bevoegdheden had om de staatsfinanciën op orde te brengen. Tijdens die vele decennia ging belastinggeld en accijnzen op tabak en alcohol rechtstreeks naar Europa. De burgers reageerden hierop door op grote schaal een grijze of zwarte economie te ontwikkelen en volop belasting te ontduiken. Logisch dat ze hun regering niet meer vertrouwden. Dat zware regime heeft er toen ook niet toe geleid dat Griekenland schuldenvrij was, maar toen begon de tweede wereldoorlog en rolden de Duitse en Italiaanse tanks door Athene.   
Er is echter een land dat nog vaker failliet is gegaan en dat is Duitsland ! Zij gingen in totaal 8 keer failliet en hadden het geluk dat er in 1953 een internationale vredesconferentie gehouden werd waar zo'n beetje 90% van alle vooroorlogse schulden werden kwijtgescholden en dat over de nieuw ontstane schulden in de Tweede Wereldoorlog op een latere datum een nieuwe conferentie zou worden gehouden. Dat laatste is nooit gebeurd !
Duitsland heeft dus wel de kans gekregen om met een bijna schone lei te beginnen, maar stelt zich nu keihard op richting Griekenland. Hoe indringend minister van Financiën van Griekenland Varoufakis ook probeerde de Europese landen te wijzen op hun geschiedenis en te verzoeken om schuldverlichting. Het mocht niet baten. De boodschapper Varoufakis moest zelfs het veld ruimen. Behalve een persoonlijk drama is dit ook een drama voor de democratie, want de stem van het volk moet buigen voor de macht van het geld.   
Bron: artikel Jesse Freriks van De Correspondent dd 11 mei 2016 en boek historicus John Levandis.

vrijdag 29 april 2011

Botte afwijzing van minister Kamp



Wel onderzoek naar pensioenen!.

Twee door een Kamermeerderheid aangenomen moties verzochten de verantwoordelijke minister Kamp om een onderzoek te verrichten naar de beursprestaties van pensioenfondsen en de terugstortingen van pensioenfondsen aan bedrijven gedurende de afgelopen 10 jaar.
Deze week antwoordde minister Kamp de Tweede Kamer dat hij daartoe niet bereid was.
Hij wilde liever vooruit kijken in plaats van naar het verleden en het onderzoek zou een te groot tijdsbeslag vragen van zijn departement !
Is dit in het belang van de samenleving en de pensioengerechtigden in het bijzonder? Of duikt de minister liever niet in de vuile was, omdat een partijgenoot en oud VVD-politicus mogelijk in opspraak komt? Het is bekend dat Ed Nijpels een lucratief baantje heeft gehad in het bestuur van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (nu APG geheten) en niet vanwege zijn financieel economische kennis.

Pensioenfondsen hebben miljarden verloren tijdens de recente financiële en economische crisis. Als gevolg daarvan is de dekkingsgraad flink gezakt en zijn pensioenen bevroren en gaan de premies waarschijnlijk omhoog en krijgen wij pas later ons pensioen. De pensioengerechtigden draaien dus op voor de verliezen.
In de gouden jaren toen de pensioenfondsen wel zeer hoge dekkingsgraden behaalden werd zelfs geld teruggesluisd naar bedrijven (en de overheid).
Dankzij een rechtszaak die momenteel loopt in de zogenaamde vastgoedfraude waarbij o.a. twee directeuren van het Philips Pensioenfonds en het Bouwfonds betrokken zijn weten we nu dat er meerdere verdachte vastgoedtransacties zijn geweest waarbij de directeuren zelf veel geld verdiend hebben maar het Philips pensioenfonds zwaar hebben benadeeld. Vastgoedprojecten werden te duur gekocht of te goedkoop verkocht zo blijkt nu ook uit een in opdracht van Philips uitgevoerd onderzoek.
Zo is ook bekend geworden dat Philips rond 2000 een tijdlang zelfs geen pensioenafdrachten hoefde te betalen voor haar werknemers en dat ging om 200 à 250 miljoen euro per jaar. Daarnaast heeft het pensioenfonds in die jaren zelfs geld teruggestort aan Philips ter waarde van 640 miljoen Euro. Dat gebeurde ook bij Unilever en de Rabobank.
Als die onttrekkingen er niet waren geweest zouden veel pensioenfondsen er nu veel beter voorstaan.

Werknemers zijn wel verplicht aangesloten bij een pensioenfonds maar hebben er meestal geen zeggenschap over. Het bestuur ligt in handen van de overkoepelende werkgevers- en werknemersorganisaties (vakbonden). Nieuwe wetgeving is aangenomen om ook gepensioneerden toegang te geven tot het bestuur.

In maart 2010 kwam de Nederlandse Bank al met een vernietigend oordeel over het beleggingsbeleid en de beleggingsstrategie van veel pensioenfondsen. DNB constateert onder meer ‘dat pensioenfondsen geen goed zicht hebben op het eigen vermogen’. Dat is ronduit verbijsterend, omdat de dekkingsgraad wordt vastgesteld juist op basis van dit eigen vermogen en omdat uit die dekkingsgraad weer de indexatie van de pensioenen volgt.

Deze week werd bekend dat de Nederlandse Bank een nieuw onderzoek heeft afgerond naar de deskundigheid van pensioenfondsen. De conclusies zijn ontluisterend!
"De meeste pensioenfondsen hebben niet de kennis in huis om de risico’s van hun beleggingen goed in te schatten en te beheren"! Een groot deel van de pensioenreserves worden uitbesteed aan professionele vermogensbeheerders en de pensioenfondsen zijn niet goed in staat deze partijen te controleren. Vaak rekenen ze hoge kosten en zijn die niet transparant maar verdisconteerd zijn in het beleggingsresultaat.

Bij de pensioenfondsen zelf zijn de beheerskosten vaak heel hoog. Zo moeten goede doelenorganisaties voldoen aan strenge eisen met betrekking tot de uitvoeringskosten om in aanmerking te komen voor een keurmerk en officiële erkenning, waar de pensioenfondsen zeker niet aan voldoen.
Zo ontstond er ook veel commotie toen een actualiteitenprogramma onthulde dat pensioenfondsen (of vermogensbeheerders uit hun naam) belegden in de wapenindustrie en met name fabrikanten van clusterbommen. Sindsdien hebben pensioenfondsen hun beleggingsbeleid aangescherpt.
Dit alles geeft aan dat er veel is mis gegaan bij onze pensioenfondsen en dat uiteindelijk de burger daar de dupe van is. Er is dus alle reden voor een alomvattend en diepgaand onderzoek naar het functioneren van de pensioenfondsen en als de minister dat nu afwijst dan moet de Tweede Kamer zelf een parlementair onderzoek instellen.
Ons pensioengeld is dat zeker waard !

woensdag 20 april 2011

De rol van Europa



Europa en de financiële Markten
- een boekbespreking-


Europa in de praktijk” is een reeks van 10 publicaties van Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO) en Comité Ander Europa die in 2011 en deels in 2012 zullen verschijnen.

SOMO bestaat al sinds 1973 en richt zich op duurzame ontwikkeling – op sociaal, ecologisch en economisch gebied- . Eind jaren 70 had SOMO ook een eigen afdeling in Eindhoven. Zo heb ik tijdens mijn studententijd zelf stage gelopen bij SOMO en onderzoek gedaan naar Philips. Nu is SOMO gevestigd in Amsterdam (zie ook www.somo.nl)

Comité Ander Europa is pas ontstaan in 2005 na het referendum over Europa.
Beide zijn maatschappelijke onafhankelijke organisaties die enerzijds het belang van een sociaal Europa benadrukken maar anderzijds heel kritisch zijn over het huidige ondemocratische en neoliberale beleid.
Zo worden in de publicatie “Europa en de financiële markten” de oorzaken van de huidige financiële en economische crisis besproken en de rol die Europa daarin heeft gespeeld. Het is een dun boekje van 37 bladzijden dat zo eenvoudig mogelijk voor een groot lezerspubliek is geschreven om de ontstane situatie uit te leggen.

De huidige crisis is in eerste instantie ontstaan door de hypotheekcrisis in de VS die vervolgens banken en hypotheekverstrekkers in grote problemen bracht. Toen Lehman Brothers omviel omdat de overheid in de VS deze bank niet wilde steunen sloeg de crisis over naar Europa en andere delen van de wereld. In veel Westeuropese landen bleken de banken ook veel van deze slechte hypotheken op de balans te hebben staan, die daardoor ook in de problemen kwamen en gesteund moesten worden door de overheid.
Zo ontstond de bankencrisis en als gevolg daarvan ook een landencrisis omdat veel overheden door het geven van de steun aan banken en verzekeraars zelf ook grote schulden moest maken. Zo moesten landen als Griekenland en Ierland ook met enorme bedragen gesteund worden door het Europese Noodfonds. Eenzelfde lot wacht Portugal.
De optelsom van deze ontwikkelingen is dat we daardoor ook een economische crisis hebben gekregen omdat banken weinig geld meer uitlenen en zelf moeten “sparen” en daarnaast overheden weinig geld hebben voor beleid en extra gaan bezuinigen. Daardoor hebben bedrijven en later ook burgers het steeds moeilijker gekregen.
Het IMF schatte de verliezen als gevolg van de crisis over 2008 al op 3,4 en halverwege 2009 al op 12 biljoen dollar. Dat is 20% van de jaarlijkse totale productie van de wereldeconomie.
De International Labor Organisation (ILO) heeft becijferd dat de crisis alleen al in 2009 wereldwijd 27 miljoen mensen hun baan heeft gekost. Het aantal Amerikanen dat in armoede leeft is gestegen van 39,8 naar 43,6 miljoen in 2009. Dat is één op de zeven!
De burger is uiteindelijk de dupe van het casinokapitalisme.
De dieperliggende oorzaak is echter het neoliberale beleid met weinig regels voor en nauwelijks toezicht op financiële instellingen en het opgelegde vrije kapitaalverkeer.
Landen hebben daardoor nauwelijks wettelijke bevoegdheden om schadelijke kapitaalstromen en grondstoffen- of valutaspeculaties tegen te houden. Banken, hedgefondsen en beleggingsfondsen hebben met hun supersnelle computers vrij spel en de mogelijkheid om miljarden aan dollars of Euro’s in fracties van seconden over de hele wereld te verplaatsen en daardoor landen en zelfs hele regio’s in gevaar kunnen brengen. De huidige crisis is zeker niet de eerste. In haar boek De shock doctrine heeft Naomi Klein minutieus meerdere eerdere crises beschreven zoals in Mexico(94/95), Azië (97/98), Argentinië (99-2002) en gebruikt daarbij de term “rampenkapitalisme”.
De financiële handel heeft een omvang van 4.000 miljard dollar per dag, daarvan is slechts 2% gerelateerd aan de “echte” economie (producten en diensten). De winsten op kapitaal zijn vele malen hoger dan de winsten op productieve arbeid. Het financiële verkeer staat dus helemaal niet meer in dienst van de economie en samenleving maar is een eigen leven gaan leiden daardoor geholpen door overheden.
Al in het verdrag van Rome uit 1957, dat de oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (EEG) bezegelde, stond een bepaling dat “alle beperkingen op het vrije verkeer van kapitaal tussen lidstaten en tussen lidstaten en 3e landen verboden zijn”(63.1).
De echte liberalisering van het kapitaalverkeer kwam pas in de jaren tachtig op gang. Onder druk van de financiële markten en haar sterke lobby kwam de Europese Commissie in 1985 met concrete voorstellen. In 1999 kwam het actieplan voor financiële dienstverlening en dat was ook de hoeksteen van de Lissabonstrategie in 2000.
De meeste economen en politici geloofden heilig in de vrije markt voor producten en financiële diensten omdat vrije concurrentie zou leiden tot de laagste prijzen.
Inmiddels kennen we de gevolgen. Vandaar de hoop dat nieuwe wetgeving een herhaling van dergelijke crises zullen voorkomen. Helaas is dat echter nog steeds niet het geval.
Zo zijn er wel nieuwe toezichthouders gekomen in Europa en de VS , zijn de eigen vermogenseisen voor banken verhoogd en zijn er regels gesteld aan het handelen van hedgefondsen en is goedkeuring vooraf nodig voor nieuwe financiële producten.
De politieke en internationale besluitvorming is echter traag en nog steeds spelen nationale belangen een grote rol. Ten aanzien van het neo-liberale denken, het vrije kapitaalverkeer en de omvang van de financiële sector zien we echter weinig structurele en fundamentele wijzigingen. Zolang dat niet gebeurt is de maatschappij en de burger weer de dupe bij de volgende crisis die zeker zal optreden. Dat kan de ineenstorting zijn van de VS zijn als de dollar valt, een creditcardcrisis of een andere schuldencrisis.
Al met al een lezenswaardig boekje dat de burger flink wakker schudt!

maandag 21 maart 2011

Armoede werkt niet!

Armoede en 80/20 regel.

In mijn vakgebied de bedrijfskunde kennen we de 80/20 regel en dat is een vuistregel die stelt dat bij een bedrijf 20% van de klanten/afnemers voor 80% van de omzet zorgt. Datzelfde geldt ook aan de inkoopkant. 20% van de leveranciers levert 80% van de waarde aan ingekochte goederen. Verder geldt het ook voor de waarde van de voorraden bij een bedrijf.
Pijnlijk wordt het echter als blijkt dat deze vuistregel ook geldt voor de vermogensverdeling onder de bevolking. 80% van de bevolking heeft samen maar 20% van het totale vermogen van in totaal € 1200 miljard( jaar 2010) en de 20 % rijkste mensen hebben 80% van het vermogen(zie tabel hieronder).
Deze cijfers zijn afkomstig van SP 1e Kamerlid Reuten en zijn gebaseerd op CBS cijfers uit 2010.
Nog schrijnender wordt het als je verder beseft dat 60% van de bevolking samen maar 2% van het vermogen heeft en de 10% rijkste groep 60% van het totale vermogen heeft. Nederland is dus geen lichtend voorbeeld van een eerlijke vermogensdeling.
Die ongelijke vermogensopbouw is voornamelijk terug te herleiden op een ongelijke inkomensverdeling. Daarvan hebben Jan Tinbergen in 1970 en recent de onderzoekers Wilkinson en Pickett al aangetoond hoe desastreus dat uitpakt voor een groot aantal maatschappelijke factoren( onderwijs, gezondheid, veiligheid etc.) . Zie ook mijn eerdere artikel hierover op 27 december 2010 op dit weblog. http://solidaire-economie.blogspot.nl/2010/12/inkomensongelijkheid-en-welzijn.html

Andere cijfers bevestigen deze ontwikkeling. Zo is het aantal jongeren dat een bijstandsuitkering ontvangt tussen 2008 en 2010 gestegen met 64 %. Dat betekent dat 35.000 mensen jonger dan 27 jaar in de bijstand zitten. Het totaal aantal mensen in de bijstand neemt ook toe. De teller staat op 307.000 mensen vergeleken met 259.000 mensen eind 2008.
Kijk je specifiek naar kinderen (in armoede) dan blijkt ook dat dit aantal is gestegen tot 1:11 oftewel 9,1 %. Dan gaat het om 311.000 kinderen onder de armoedegrens(cijfers CBS van 2009). Deze kinderen kunnen daardoor bijna nooit uitstapjes maken, op vakantie gaan, niet bij een sportvereniging en ze hebben weinig speelvriendjes of vriendinnetjes. De bijzondere bijstand en een organisatie als Stichting Leergeld proberen de ergste nood te ledigen.

Het is in dit zeer welvarende land een gotspe dat de samenleving en zeker de overheid een dergelijke situatie laat voortbestaan. Alleen de SP en de laatste tijd ook de PvdA proberen deze zaken op de politieke agenda te krijgen. Eerlijk delen moet niet alleen een politieke leuze worden maar dagelijkse praktijk. Daarvoor is wel wetgeving nodig!

donderdag 3 maart 2011

Sociaal of Liberaal?

Uitslag Statenverkiezingen 2011

In alle debatten vooraf was duidelijk dat het ook een test is voor de huidige regering van VVD, CDA en gedoogpartner PVV. Zo heeft de SP de verkiezingsleuze Protest gebruikt dat ook gelezen kan worden als Pro- test. Nu heeft de PVV nog geen zetels in de Senaat en zullen de regeerpartners samen in mei ook geen meerderheid halen. De laatste prognoses geven aan dat de coalitie maar kan rekenen op 37 van de 75 zetels.

De PVV heeft wel een grote winst geboekt door meteen op 10 zetels in de Eerste Kamer uit te komen. De VVD komt op 16 zetels en het CDA op 12 zetels. Het CDA heeft daarmee een flinke klap gekregen door 9 zetels te verliezen, want ze hadden 21 zetels. Hier wreekt zich dus de interne onvrede in CDA-kringen waarbij een derde deel van de leden deelname aan de regering met gedoogsteun van de PVV eigenlijk niet zag zitten. Gek genoeg treedt dat effect niet op bij Groen Links die wel de nieuwe Afghanistan-missie van de regering steunt maar daardoor veel interne kritiek te verduren kreeg. Toch boekte de partij nog een kleine winst en kwam uit op 6,3% van de stemmen en dat was in 2007 nog 6,1% .

Kijken we vooral naar de resultaten op provinciaal niveau dan zijn er ook grote verschuivingen. Het CDA zal voor het eerst in de geschiedenis niet meer de grootste partij in Noord Brabant zijn. Ze zijn bijna gehalveerd zo blijkt uit de cijfers.Van de 31% van de uitgebrachte stemmen in 2007 zijn ze gezakt naar 17,4 % nu.
De VVD neemt het stokje van het CDA over en wordt de grootste partij met 20,7 % van de stemmen. De PVV komt op 14%, D’66 haalt 8%, Groen Links 5,9%. De SP daalt van 21% naar 13,8%, maar wordt wel de 4e partij in grootte in Noord Brabant. De PvdA verliest ook een klein beetje van 14 % naar 13,4% en wordt de 5e partij. Omgerekend naar zetels in de provinciale Staten betekent dat: VVD 12, CDA 10, PVV 8, SP 8, PvdA 7, D’66 5 en Groen Links 3 zetels. De VVD mag de nieuwe coalitiebesprekingen gaan beginnen en zal wel met CDA en PVV iets proberen te regelen. Samen hebben zij 30 zetels van de in totaal 55 zetels in de Staten.

De SP heeft het in Eindhoven nog net iets beter gedaan door als 3e partij 15,2 % van de stemmen te halen. Net iets minder dan de VVD met 17,9% en PvdA met 16,8% maar ruim groter dan PVV met 12,1% en D’66 met 11 %
Kijk je naar de randgemeenten dan zie je een vergelijkbaar beeld. In Veldhoven is de SP 3e geworden met 15,1%. In Helmond ook 3e met 16,4 %. In Geldrop ook 3e met 16,3% en in Valkenswaard 5e met 13,4% . De Eindhovense regio scoort dus nog beter dan heel Noord-Brabant. Een op de zeven stemmers kiest hier voor de SP en heeft het hart dus op de goede plaats,links!


Ook in Limburg is een kleine aardverschuiving opgetreden. Daar wordt de PVV in een klap het grootste met 20,6%, gevolgd door het CDA met 19,4%, VVD met 16%, PvdA 13,5% en SP 11,9% . Hier wordt de SP dus de 5e partij. Hier mag de PVV dus de coalitiebesprekingen gaan starten. Hoe zich dat in beleid vertaald en in de praktijk zal uitpakken zullen we met grote belangstelling volgen.

Kijk je naar heel Nederland dan is de VVD ook de grootste partij geworden met 19,6% van de stemmen, op de 2e plaats komt de PvdA met 17,3%, gevolgd door het CDA met 14,2% , de PVV met 12,4% en als 5e de SP met 10,2%. De PvdA heeft de campagne gevoerd met als slogan dat “het moet Eerlijker” . Bij alle kabinetsplannen tot nu toe in het onderwijs, de zorg en de overheid lijken de zwakste partijen het meest te lijden te krijgen en worden de rijken veelal ontzien. De burgers in het land vinden kennelijk dat het ook eerlijker kan.
Vergeleken met de resultaten van de Tweede Kamerverkiezingen van juni 2010 heeft de SP het nog net iets beter gedaan. Toen haalden ze 10 % vd stemmen en leverde dat 15 zetels op in de 2e kamer. Voor Emile Roemer die zijn uiterste best heeft gedaan in de campagne, gesteund door honderden vrijwilligers een opsteker! De Eindhovense SP-afdeling mag trots op dit resultaat.

dinsdag 1 maart 2011

De loze beloften van de PVV !






Hoe Sociaal is de PVV van Wilders??


In het verkiezingsprogramma waarmee Geert Wilders de Tweede Kamerverkiezingen in ging stonden hele duidelijke linkse standpunten. Zo wilde hij geen verhoging van de pensioenleeftijd en was hij tegen verruiming van het ontslagrecht. Ook wilde hij de topinkomens aanpakken en moest er meer geld naar de ouderenzorg. Dat was voor Wilders als ex-VVD’er toch heel opmerkelijk.
Later heeft hij het beeld gelanceerd dat de PVV de ideale partij voor “Henk en Ingrid” is, de gewone doorsnee Nederlanders.
Behalve met de Islamretoriek heeft de PVV mede dankzij deze standpunten veel stemmen getrokken uit de linkse politieke hoek en een grote verkiezingswinst behaald.
Nu we binnenkort weer gaan stemmen is het goed om eens te kijken wat de PVV, sinds ze als gedoogpartner van het kabinet van VVD en CDA actief is, vooral heeft gedaan.
Je kunt wel mooie beloftes doen, maar hoe is de praktijk geweest ? Welke moties worden door de PVV nu wel en niet gesteund in de Tweede Kamer. Dan ontstaat een heel ander beeld.

De verhoging van de pensioenleeftijd waarvan Wilders tot op de dag van de verkiezingen zei dat het een breekpunt was, heeft hij meteen ingeleverd in het gedoogakkoord. Jammer dan. Dat heeft iedereen in de media ook kunnen vernemen. 

Er zijn echter maar weinig mensen die ook het stemgedrag in de Tweede Kamer volgen. Gelukkig heeft het wetenschappelijk bureau van de SP dat wel gedaan en daarover gepubliceerd (o.a. in Spanning februari 2011).
Dan ontstaat toch wel een ontluisterend beeld. Zo was er een motie van de PvdA om flexwerkers dezelfde rechten te geven op uitkeringsduur en hoogte in de sociale zekerheid als werknemers met een vast contract. Een zeer sociale motie die juist tijdelijk personeel en uitzendkrachten een eerlijke gelijke behandeling geeft. Helaas haalde het voorstel het niet omdat CDA, VVD, PVV en SGP tegen stemden! Het CDA heeft kennelijk haar christelijk sociale idealen ook al lang overboord gegooid.
Geert Wilders heeft ook al heel vaak laten blijken dat hij heel kritisch is tegenover het Koningshuis. Toch verwierp hij een motie om de bijzondere fiscale positie van leden van het Koninklijk Huis te beëindigen.

Zelfs op het gebied van veiligheid, een kernthema van de PVV, blijkt Wilders opeens een ander stemgedrag te vertonen. Een motie om de zogenaamde Montfransmiddelen te behouden, waarmee cameratoezicht, straatcoaches en andere projecten betaald worden om overlast te beperken, heeft de PVV niet gesteund.

Een andere opvallende motie kwam van de SP om de topsalarissen in de cultuursector en in de zorg aan banden te leggen. Maar ook hier stemde de PVV tegen. De PVV was zelfs tegen het opstellen van een armoedebeleid !?
De SP diende ook een motie in om de witteboordencriminaliteit beter aan te kunnen pakken door aanzienlijk meer financiële rechercheurs aan te stellen, maar ook die motie strandde.
De PVV stemde ook samen met VVD en CDA voor bezuinigingen op jonggehandicapten en sociale werkplaatsen en voor het afschaffen van de alleenstaande ouderkorting en het korten op de huurtoeslag.

Hoezo is PVV sociaal???
Het wordt tijd dat iedereen het ware gezicht van de PVV ziet en dat is in overeenstemming met de positionering die ze als fractie in de Tweede Kamer innemen, juist ja uiterst rechts !
De kiezers (Henk en Ingrid in het bijzonder) hebben nu weer een nieuwe kans om een partij te kiezen die hun belangen wel vertegenwoordigd en die geen huichelaar is. Kies bewust!

Update 22 November 2023
Hoe verrassend was de uitslag van de Tweede Kamerverkiezingen  waarbij de PVV  als grootste partij uit de bus kwam met maar liefst 37 zetels
Kennelijk heeft Geert Wilders in de verschillende debatten zichzelf goed kunnen presenteren en na 12 jaar kabinetten onder leiding van Mark Rutte met de VVD  was de bevolking het zat
Het moet anders en als Wilders aangeeft dat hij bereid is samen te werken met andere partijen en sommige standpunten te zullen verzachten zoals het verbieden van moslims, korans en moskeeën zijn we benieuwd of andere partijen samen een regering met de PVV willen vormen. 
Zorgpunt is het niet democratische gehalte van de PVV, dat geen leden heeft die mogen stemmen, hun vertegenwoordigers mogen kiezen, het partijprogramma mogen samenstellen en daarover kunnen stemmen. Het is een 1-persoonspartij, hetgeen zeker ondemocratisch is.
Hetzelfde geldt voor de financiële bronnen waaruit de PVV kan putten omdat sommige daarvan zeker uit het buitenland komen waaronder Israël. Daarover wordt geen openheid gegeven.
Toch is er nu in Nederland een regering bestaande uit 4-partijen ,waarvan de belangrijkste is de PVV . Wilders mocht geen premier worden , maar voor de rest heeft hij groen licht gekregen samen met nieuwkomers BBB en NSC en ook notabene de VVD.!!??